Effecten in het gebied

Zorgplicht flora en fauna

De uitvoering van de maatregelen zorgt voor verstoring van flora en fauna in het gebied. Om deze verstoring zoveel mogelijk te beperken zijn in de Quickscan Natuur (bijlage A2) randvoorwaarden en adviezen voor de uitvoering opgenomen. Zo dienen er voor zoogdieren, amfibieën en reptielen, broedvogels en ongewervelden tijdens de uitvoering maatregelen in acht genomen te worden. Basis hiervoor zijn de eisen uit de gedragscode Wet natuurbescherming en de algemene zorgplicht in het kader van de Wet natuurbescherming. Het waterschap ziet erop toe dat de gestelde eisen uit de Quickscan Natuur (bijlage A2) en de genoemde gedragscode en zorgplicht tijdens de uitvoering worden nageleefd en in een Ecologisch werkprotocol worden vastgelegd.

Onderstaande zorgplichtmaatregelen worden in het kader van de Zorgplicht flora en fauna randvoorwaardelijk voorgeschreven in de Quickscan Natuur.

  • Daar waar beschermde Drijvende waterweegbree aanwezig is dient men als volgt te handelen: Bovenlaag van de waterbodem van die delen waar nu Drijvende waterweegbree voorkomt tijdens de uitvoering apart houden en dit materiaal op enkele plekken gebruiken bij de afwerking van het nieuwe tracé. Verplaatsen gebeurt nadat een nieuw tracé-deel is gerealiseerd en gestabiliseerd en voordat de locaties met Drijvende waterweegbree worden gedempt dan wel verondiept. Dit vraagt gefaseerd werken in tijd en ruimte.

  • Vooraf controleren van bomen op holtes in te kappen bomen langs de beek of watergangen/detailontwatering, potentieel geschikt voor vleermuizen, eekhoorn of boommarter. Deze bomen worden ontzien

  • Vooraf controleren van bomen op jaarrond beschermde vogelnesten in te kappen bomen en deze bomen ontzien.

  • Bij te dempen watergangen: werkzaamheden gefaseerd, in één richting en buiten de voortplantingsperiode van de amfibieën uit te voeren (half maart tot half september).

  • De kap van bomen wordt buiten het broedseizoen (periode circa half maart tot augustus) uitgevoerd.

  • De Reusel wordt voorafgaand aan de demping elektrisch en met schepnetten afgevist om achtergebleven vissen over te zetten naar de nieuwe beek.

De volgende aanvullende onderzoeken, mitigerende maatregelen en/of ontheffingsaanvragen zijn noodzakelijk:

  • Aanvullend onderzoek van bomen langs het nieuwe tracé van de Reusel met holtes of jaarrond beschermde nesten, potentieel geschikt voor vleermuizen, broedvogels, eekhoorn of boommarter. Bij aanwezigheid van soorten of nesten worden deze bomen ontzien.

  • De te dempen watergang de Zilverloop is een voortplantingswater van amfibieën, ook van de beschermde soorten Vinpootsalamander, Alpenwatersalamander en Poelkikker. De werkzaamheden dienen buiten het voortplantingsseizoen te worden uitgevoerd.

  • De kap van bomen dient buiten het broedseizoen (periode circa half maart tot augustus) uit gevoerd te worden.

  • Wanneer toch binnen het broedseizoen gekapt gaat worden dient aanvullend onderzoek uitgevoerd te worden naar de aanwezigheid van nesten. En bij aanwezigheid dient hier naar te worden gehandeld.

Bovenstaande activiteiten worden te zijner tijd vastgelegd in een ecologisch werkprotocol en het werk wordt uitgevoerd onder ecologische begeleiding.

Hergebruik grond

De grond die vrijkomt tijdens de uitvoering van de voorgestelde maatregelen wordt waar mogelijk hergebruikt binnen het gebied. Zowel bij het hergebruik als bij de aan- en afvoer van grond van buitenaf en afvoer vanuit het projectgebied ziet het waterschap erop toe dat de aannemer zich houdt aan de geldende wet- en regelgeving. Eventueel overtollige grond wordt indien mogelijk in het gebied afgezet.

Archeologie en cultuurhistorie

Om te weten welke archeologische en cultuurhistorische waarden in het gebied aanwezig zijn of kunnen zijn, is door Transect een Archeologisch Bureauonderzoek en Cultuurhistorische Verkenning uitgevoerd, bijlage A3.

Archeologie

Op basis van het bureauonderzoek zijn verschillende verwachtingszones gemaakt. Deze zijn gebaseerd op het Actueel Hoogtebestand Nederland, de geologische kaart, geomorfologische kaart, bodemkaart, vondsten in de omgeving en historisch kaartmateriaal. Hierbij is onderscheid gemaakt tussen dekzandruggen, beekdalen, historische bebouwingslocaties en doorwaardbare plaatsen. In bijlage A3 is de verwachtingswaardekaart opgenomen.

Voor de uitvoering van de maatregelen wordt een Programma van Eisen opgesteld t.b.v. eventuele begeleiding van de werkzaamheden.

Cultuurhistorie

In het bureauonderzoek zijn de cultuurhistorisch waardevolle elementen en structuren in het plangebied en omgeving in beeld gebracht. De aanwezigheid van cultuurhistorische waarden hangt vooral samen met landschapselementen die de oorspronkelijke structuur van het heidelandschap met oude akkercomplexen aantonen. De wegenstructuur wordt hoog gewaardeerd vanwege de relatie met de ontginning vanaf de middeleeuwen en het reliëf in het landschap.

Kabels en leidingen

De geplande grondwerkzaamheden vinden overwegend plaats buiten de nabijheid van de kabels en leidingen. Bij het vervangen van enkele duikers en het graven van de nieuwe loop van de Reusel worden echter wel enkele kabels en leidingen gepasseerd. Deze locaties dienen bij de contractfase nader te worden uitgewerkt. Daarnaast dient hier bij de uitvoering rekening mee te worden gehouden. De volgende knelpunten zijn op basis van de oriënterende KLIC-melding in beeld gebracht:

  • Kruising Reusel met Hoge druk gasleiding bij Langvoort;

  • Kruising Reusel met waterleiding bij wegkruisingen;

  • Kruising Reusel met persleiding ten noorden van Hoolstraat 11;

  • Diverse huisaansluitingen bij Buitenman 3.