R18. Mitigerende maatregel: aanbrengen kade

Vanaf de Buitenman tot aan de N269 wordt parallel aan bestaande greppels een kade aangebracht. Dit ter voorkoming van wateroverlast wanneer de Reusel buiten haar oevers treedt. De kade wordt ca. 40 cm hoog. Het traject van de kade bestaat uit drie delen, zie Figuur 1.5‑24. Het eerste deel loopt vanaf de Buitenman tot het bestaande bosperceel. Op dit traject is de hoogte van de kade NAP 24.00. Figuur 1.5‑25 laat het principeprofiel zien. Ter hoogte van het bestaande bosperceel loopt de kade langs een watergang. Deze watergang wordt opgewaardeerd (maatregel R19). De hoogte van de kade bedraagt hier NAP 23.80 m. Figuur 1.5‑26 geeft het principeprofiel weer. Het laatste deel van het traject loopt vanaf het bosperceel tot de N269. Over dit traject wordt aan de oostzijde van de kade een nieuwe watergang aangebracht. Deze watergang sluit aan op de bestaande watergang in het bosperceel. De hoogte van de kade bedraagt op dit traject NAP 23.70 m. Figuur 1.5‑27 laat het principeprofiel zien. De bovenbreedte van de kade bedraagt 4 m. Het talud aan de zijde van de Reusel is 1:10. Aan de andere zijde is het talud 1:1.5.

Figuur 1.5‑24: Overzicht kade en aan te brengen watergang
Figuur 1.5‑25: Principeprofiel kade (zuid)
Figuur 1.5‑26: Principeprofiel kade met op te waarderen watergang (midden)
Figuur 1.5‑27: Principeprofiel kade met nieuwe watergang (noord)