Provinciaal en subregionaal beleid

Provinciaal milieu- en waterplan 2016-2021

Het Provinciaal Milieu en Waterplan “Sámen naar een duurzaam gezonde en veilige leefomgeving in Brabant” geeft op hoofdlijnen weer wat de beleidsdoelen zijn met een voorgestelde aanpak. Binnen dit plan wordt aangesloten op de doelstellingen uit de Kaderrichtlijn Water (inclusief Natura 2000) en de Waterwet. Tevens zijn er instrumenten vastgelegd om de uitvoering van Europese en nationale verplichtingen rondom behoud en herstel mogelijk te maken. In dit plan wordt de focus gelegd op de volgende punten:

  • Balans tussen efficiënt beschermen en duurzaam benutten van de fysieke leefomgeving;

  • Uitnodigend voor partijen die verantwoordelijkheid nemen; streng voor achterblijvers;

  • Opgaven integraal en gebiedsgericht oplossen;

  • Een dynamische en uitnodigende uitvoeringsagenda, die we samen met onze partners uitvoeren.

Hierbij wordt het volgende in het plan aangegeven:

De waterschappen zijn verantwoordelijk voor het voorkomen van wateroverlast vanuit het regionaal watersysteem. Zij onderhouden en beheren de regionale keringen en voeren regelmatig een veiligheidstoets uit. Daarover rapporteren zij aan ons. Om ongewenste ruimtelijke ontwikkelingen te voorkomen, leggen wij in de Verordening ruimte vast welke regionale waterbergingsgebieden en reserveringsgebieden er zijn.” (p.33) (provincie Noord-Brabant, 2015)

Op basis van de Waterwet leggen wij in de Verordening water Noord-Brabant vast welke normen voor wateroverlast van toepassing zijn. We geven waterbergingsgebieden en reserveringsgebieden ruimtelijk aan op de plankaart en in de Verordening ruimte.” (provincie Noord-Brabant, 2015)

Inmiddels zijn de Verordening water en Verordening ruimte opgegaan in de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant. De waterbergingsgebieden, reserveringsgebieden en normen voor wateroverlast zijn in de Interim omgevingsverordening overgenomen.

PlanMER bij Provinciaal Waterplan en waterbeheerplannen 2010-2015

Het Provinciaal Waterplan beschrijft het waterbeleid voor de provincie Noord-Brabant op strategisch niveau en is een vertaling van het landelijke en Europese beleid op het gebied van waterbeheer. Het waterbeheerplan van Waterschap De Dommel is daarvan een uitwerking op tactisch niveau. Beide plannen geven op hoog abstractieniveau ruimte voor activiteiten die mogelijk milieugevolgen hebben en/of van invloed zijn op de Natura 2000-gebieden. Om deze reden is een bijbehorend planMER opgesteld.

Zowel in het Provinciaal Milieu- en Waterplan als in het Waterbeheerplan is de exacte uitvoering en de precieze locatie van de maatregelen niet beschreven. Conclusies uit het planMER zijn dat beide plannen logische keuzes bevatten. Kanttekening is dat de nadruk ligt op herstel van het watersysteem en ecologische doelen, waardoor effecten op cultuurhistorie, archeologie, landbouw en bebouwing bij de uitwerking een aandachtspunt zijn. Positieve effecten zijn er ten aanzien van wateroverlast en natuur.

Provinciale Structuurvisie Ruimtelijke Ordening 2010-partiele herziening 2014

De groenblauwe structuur omvat de samenhangende gebieden in Noord-Brabant, waaronder de ecologische hoofdstructuur, waar natuur- en waterfuncties behouden en ontwikkeld worden ten behoeve van een robuust water en natuursysteem. De structuur bestaat voornamelijk uit beken en andere waterlopen en uit bos- en natuurgebieden. Daarnaast liggen ook gebieden met een andere functie (zoals agrarisch of recreatie) binnen de groenblauwe structuur, als die gebieden van belang zijn voor de natuur- en waterfuncties.

In het Provinciaal Milieu- en Waterplan 2016-2021 zijn de regionale waterbergingsgebieden en de reserveringsgebieden waterberging afzonderlijk en in zijn geheel op de plankaart opgenomen. De functie waterberging is te combineren met andere gebruiksfuncties zoals grondgebonden landbouw, extensieve recreatie en natuur. De voorwaarden waaronder dit mogelijk is zijn opgenomen in de Verordening Ruimte.

Het projectgebied is in de provinciale structuurvisie aangewezen als Groenblauwe mantel, Kerngebied groenblauw en waterbergingsgebied.

Groenblauwe mantel

De mantel bestaat overwegend uit gemengd landelijk gebied met belangrijke nevenfuncties voor natuur en water. Het zijn gebieden grenzend aan het kerngebied natuur en water die bijdragen aan de bescherming van de waarden in het kerngebied. Het behoud en vooral de ontwikkeling van natuur, water (-beheer) en landschap is in de groenblauwe mantel een belangrijke opgave. Vormen van grondgebonden agrarisch grondgebruik zijn van blijvend belang voor de ontwikkeling van groene en blauwe waarden. Binnen het gebied liggen kansen voor recreatie en toerisme. Ook een aantal groene gebieden door én nabij het stedelijk kralensnoer zijn onderdeel van de groenblauwe mantel.

Kerngebied groenblauw

De kern bestaat uit natuurgebieden in de ecologische hoofdstructuur inclusief de (robuuste) ecologische verbindingszones Ook belangrijke waterstructuren in Noord-Brabant zoals de Maas, de Brabantse beken en de Westbrabantse kreken horen tot het kerngebied. De hoofdfunctie is hier behoud en ontwikkeling van het natuur- en watersysteem.

Waterbergingsgebied

Deze gebieden zijn - bij dreigende wateroverlast -van belang voor hoogwaterbescherming (ruimte voor de rivier) en waterberging (regionale waterberging). Het grootste deel van deze gebieden ligt binnen de groenblauwe structuur, een deel heeft een overlap met de agrarische structuur. Binnen de gebieden voor waterberging kunnen andere functies zoals grondgebonden landbouw, extensieve recreatie en natuurontwikkeling zich blijvend ontwikkelen mits ze afgestemd zijn op de beoogde waterfuncties.

Interim omgevingsverordening Noord-Brabant

Op 25 oktober 2019 is de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant vastgesteld. Hierin heeft de provincie Noord-Brabant alle regels ten aanzien van de fysieke leefomgeving samengevoegd, vooruitlopend op de overgang naar het stelsel van de Omgevingswet. De Interim omgevingsverordening is beleidsneutraal van karakter en vervangt de volgende zes provinciale verordeningen:

  • Milieuverordening

  • Verordening wegen

  • Verordening Ontgronden

  • Verordening natuurbescherming

  • Verordening ruimte

  • Verordening water

De Interim omgevingsverordening sluit in de opbouw aan bij de Omgevingswet. Zo kent de verordening algemene rechtstreeks werkende regels en instructieregels aan gemeenten, waterschappen en gedeputeerde staten. De regels zijn gekoppeld aan een digitale plankaart. Op deze plankaart zijn de werkingsgebieden opgenomen, waaraan de van toepassing zijnde specifieke regels voor gemeenten/waterschappen/gedeputeerde staten van een bepaald gebied raadpleegbaar zijn.

Het plangebied is gelegen in de werkingsgebieden ‘Diep grondwaterlichaam’, ‘Landelijk gebied’, 'Groenblauwe mantel', 'Natuur Netwerk Brabant', ’Attentiezone waterhuishouding’, ‘Attentiezone stiltegebied’, ‘Behoud en herstel watersystemen’, 'Stalderingsgebied' en 'Beperkingen veehouderij'. Enkele percelen vallen tevens binnen de werkingsgebieden 'Aardkundig waardevol gebied' en 'Cultuurhistorisch waardevol gebied'. Tevens ligt één van de op te hogen percelen deels in de ‘Reservering waterberging’. De ruimte tot waterberging wordt voor beide ophogingen gecompenseerd binnen dit project. Enerzijds middels het afgraven van percelen maar anderzijds ook door extra ruimte te bieden aan inundaties in het beekdal.

Voor het buitenstedelijk gebied maakt de provincie Noord-Brabant onderscheid in natuurgebieden (Natuur Netwerk Brabant) en het overig buitengebied (Landelijk gebied). Het Landelijk gebied is opgedeeld in ‘Gemengd landelijk gebied’ en ‘Groenblauwe mantel’. Het werkingsgebied 'Natuur Netwerk Brabant' strekt tot het behoud, herstel of de duurzame ontwikkeling van de ecologische waarden en kenmerken van de onderscheiden gebieden en houdt daarbij rekening met de overige aanwezige waarden en kenmerken, waaronder de cultuurhistorische waarden en kenmerken. Zolang het Natuur Netwerk Brabant niet is gerealiseerd, zijn de bestaande bebouwing en bestaande planologische gebruiksactiviteiten toegestaan. De aanwijzing 'Groenblauwe mantel' strekt tot behoud, herstel of duurzame ontwikkeling van het watersysteem en de ecologische en landschappelijke waarden en kenmerken van de onderscheiden gebieden en beschermt de ecologische, landschappelijke en hydrologische waarden en kenmerken van de onderscheiden gebieden.

De aanwijzing ‘Diep grondwaterlichaam’ geldt voor het hele grondgebied van de provincie Noord-Brabant en verbiedt de onconventionele winning van koolwaterstoffen. De aanduiding ’Attentiezone waterhuishouding’ verbiedt in deze gebieden het verrichten van fysieke ingrepen die mogelijk een negatief effect op de waterhuishouding hebben van het hierbinnen gelegen Natuur Netwerk Brabant. Het werkingsgebied ‘Attentiezone stiltegebied’ strekt tot behoud en rust van het daarbinnen gelegen stiltegebied en stelt aanvullende eisen aan de geluidsbelasting van een locatiegebonden milieubelastende activiteit. De aanduiding ‘Behoud en herstel watersystemen’ strekt mede tot de verwezenlijking en het behoud, beheer en herstel van watersystemen. De aanduidingen "Stalderingsgebied" en “Beperkingen veehouderij” zijn alleen van toepassing op veehouderijen en hebben daarom geen verdere relatie met voorgenomen herbestemming naar 'Natuur'. De aanduiding 'Aardkundig waardevol gebied' strekt tot behoud, herstel of de duurzame ontwikkeling van de aardkundige waarden en kenmerken van de via de Aardkundig Waardevolle Gebiedenkaart Noord-Brabant onderscheiden gebieden. Volgens deze kaart maakt het plangebied deels onderdeel uit van het aardkundig waardevolle gebied 'Reusel, Mispeleindse Heide'. In dit gebied gaat het vooral om bescherming van beekdalglooiingen, golvend dekzandlandschap met dekzandruggen en landduinen, vennen en historische perceleringen.

Aangezien het gebied grotendeels is geëgaliseerd, waardoor de aardkundige waarden als laag worden ingeschat heeft de provincie geconcludeerd dat de plannen niet grootschalig de aardkundige waarden aantasten. Tijdens de uitvoering dient er zorgvuldig gewerkt te worden. Hiervoor worden specifieke eisen opgenomen in het bestek om aardkundige waarden te beschermen.

De aanduiding ‘Cultuurhistorisch waardevol gebied’ is mede gericht op behoud, herstel of de duurzame ontwikkeling van de cultuurhistorische waarden en kenmerken zoals beschreven in de Cultuurhistorische Waardenkaart. Volgens de Cultuurhistorische Waardenkaart maakt het plangebied deels onderdeel uit van het gebied ‘Kempen’, het cultuurhistorisch landschap ‘Landgoederen ten zuiden van Tilburg’ en het archeologisch landschap ‘Kempenland’.